Daglicht kan een belangrijke meerwaarde betekenen voor gebouwen en hun gebruikers. Het Europese normalisatiecomité CEN werkte daarom een nieuwe norm uit voor daglicht in gebouwen.

 

Daglicht zou een belangrijke bron van verlichting moeten zijn voor alle ruimtes met openingen naar buiten toe. Het kan niet alleen een besparing opleveren op de energie nodig voor elektrische verlichting, bij een correct ontwerp verhoogt het ook het welzijn van de gebruikers van binnenruimtes. Ook de wetgever onderkent het belang van ervan: de Codex art. III.1-31 bepaalt immers:

De werkgever zorgt ervoor dat er op de arbeidsplaats voldoende daglicht binnenkomt en dat indien dit niet mogelijk is, er een adequate kunstverlichting aanwezig is.

Daglicht moet met andere woorden de eerste keuze zijn. 

Een van de grote troeven van daglicht is haar variabiliteit. Tegelijk vormt die ook een grote uitdaging: het ontwerp moet rekening houden met wijzigingen gedurende de dag en volgens de seizoenen om een consistent en comfortabel lichtniveau in binnenruimtes te garanderen. 

De nieuwe norm NBN EN 17037 beschrijft de elementen voor het bereiken van een adequate verlichting door middel van daglicht en een goed uitzicht naar buiten. Tegelijk geeft het document aanbevelingen voor de zonneschijnduur in ruimtes waarin zich personen bevinden. 

De nieuwe norm geeft informatie over hoe daglicht kan worden gebruikt als verlichtingsbron en hoe het risico op verblinding kan worden beperkt. Hij definieert de karakteristieken die worden gebruikt om de daglichtomstandigheden te beoordelen en geeft principes voor de berekening en verificatie. 

De specificatie van de verlichtingseisen op werkplekken maken geen deel uit van dit document (zie daarvoor NBN EN 12464-1).

 

Bron

  • Michel Vanschoonlandt, senTRAL Nieuws – 14 maart 2019

Lees meer nieuws over: Preventie en bescherming , arbeidsplaats , ergonomie