Tot 20% van de nieuwe gevallen van chronische obstructieve bronchopneumopathie (COBP) bij mensen van middelbare leeftijd in het westen, zou voorkomen kunnen worden door te vermijden dat ze in hedendaagse beroepsactiviteiten aan bepaalde stoffen blootgesteld worden. Dat is het besluit van een nieuw onderzoek op basis van Europese gegevens.

De COBP, een progressieve aandoening van de luchtwegen, is al een belangrijke doodsoorzaak. Door de vergrijzing van de bevolking zou de ziekte ook vaker kunnen voorkomen. Tabak blijft de grootste risicofactor, maar daarnaast spelen ook een hele reeks andere omgevingsfactoren een rol, onder andere de blootstelling aan bepaalde stoffen tijdens het uitoefenen van beroepsactiviteiten. Uit vorig onderzoek blijkt dat ongeveer 15% van de COBP-gevallen toe te schrijven is aan de blootstelling aan bepaalde stoffen op de werkplek. Bij niet-rokers ligt dat percentage hoger, wat logisch is. De discussie over het verband met de beroepsactiviteiten bij COBP mag dan al niet nieuw zijn, de context is wel veranderd. In de loop van de voorbije decennia hebben technologieën en beroepsactiviteiten een radicale gedaanteverandering meegemaakt, terwijl tegelijk de preventie van blootstelling aan bepaalde stoffen bij het werk veel beter geworden is en het aantal rokers gedaald is.

Een nieuw onderzoek heeft daarom onderzocht welke rol de blootstelling aan bepaalde stoffen tijdens de beroepsactiviteiten speelt bij het optreden van COBP. Dat onderzoek baseert zich op de gegevens uit de enquêtes van de Europese Gemeenschap naar aandoeningen van de luchtwegen (ECRHS - European Community Respiratory Health Survey). Op basis van die gegevens heeft het nieuwe onderzoek in totaal 3.343 respondenten in twaalf landen, waaronder België, geanalyseerd. 1.409 van hen waren niet-rokers.

Opmerkelijk: de frequentie van COBP in die steekproef was "veel lager dan in andere gepubliceerde onderzoeken". De 'meest voor de hand liggende' verklaring is de 'nog vrij jonge leeftijd' van de onderzochte gevallen: gemiddeld 55 jaar. Anders gezegd, later zouden er zich nog bijkomende gevallen kunnen aandienen. De strikte meetprocedures en de statistische benadering hebben ongetwijfeld ook een invloed gehad.

Maar na de gebruikelijke correcties (leeftijd, geslacht, roker/niet-roker, sociaal-economische status, ...) is het verband tussen COBP en de blootstelling aan verschillende substanties tijdens de beroepsactiviteiten toch zichtbaar. 

Bijvoorbeeld: 

  • Biologisch stof: 2,4% COBP-gevallen bij wie daaraan niet blootgesteld wordt tegen 5,7% bij wie daaraan sterk blootgesteld wordt
  • Mineraal stof: geen blootstelling: 2,6%; sterke blootstelling: 4,5%
  • Gas en dampen: geen blootstelling: 2,2%; sterke blootstelling: 2,8%
  • Pesticiden: geen blootstelling 2,7%; sterke blootstelling: 7,1%
  • Aromatische oplosmiddelen: geen blootstelling: 2,9%; sterke blootstelling: 3,8%
  • Chloorhoudende oplosmiddelen: geen blootstelling: 2,9%; sterke blootstelling: 3,4%
  • Andere oplosmiddelen: geen blootstelling: 3,0%; sterke blootstelling: 4,3%
  • Metalen: geen blootstelling: 2,8%; sterke blootstelling: 3,5%

Volgens de onderzoekers "wordt een groot deel van de werknemers aan zulke substanties blootgesteld (in de onderzoekspopulatie 49% van wie al gerookt had) en het verband met het aantal COBP-gevallen vertaalt zich in een aanzienlijk aantal van toewijsbare gevallen in de populatie (in deze analyse wordt dat aandeel op 21,0% geraamd); dat doet vermoeden dat tot één nieuw geval van COBP op vijf bij mensen van middelbare leeftijd in de westerse landen voorkomen zou kunnen worden door de blootstelling aan zulke stoffen tijdens hedendaagse beroepsactiviteiten te voorkomen of te beheersen." In dit verband moeten we er echter op wijzen dat de betrokken sectoren weinig gemeen hebben. Een Brits onderzoek uit 2016 vermeldt echter wel een hele reeks van beroepsactiviteiten waar COBP vaak voorkomt. De top 6: zeeman, mijnwerker, schoonmaker, dakdekker, verpakker, tuinbouwer, ...

 

Bronnen


Lees meer nieuws over: Preventie en bescherming , externe dienst voor preventie en bescherming , preventieadviseur