Traditioneel zijn de opdrachten van de van de arbeidsinspectie (Toezicht Welzijn op het Werk) uitgesplitst in reactieve en proactieve acties. Reactieve acties zijn het behandelen van klachten, antwoorden op verzoeken van gerechtelijke overheden, behandelen van allerlei vragen om vergunningen, enz. Proactieve acties zijn inspectiebezoeken volgens de keuze van de inspecteur. Het doel van de arbeidsinspectie is om proactieve acties te stroomlijnen en reactieve acties zoveel als mogelijk te beperken. Als gevolg hiervan worden inspectiecampagnes al sinds 2008 georganiseerd per thema of per sector. In dit artikel vindt u een overzicht van de campagnes van 2019.

 

Deze manier van werken is interessant om verschillende redenen:

  • De inspectie kan moeilijk bereikbare sectoren toch benaderen. Het gaat hierbij dan over kleine, of zelfs micro-ondernemingen die door de evolutie van de arbeidswereld zeer talrijk aanwezig zijn. Men kan zich een idee vormen van het niveau van preventie in die sectoren. Het kan gelden als een nulmeting ten einde de evolutie in kaart te brengen;
  • De sectoren worden begeleid naar een betere naleving van de reglementering;
  • Het gekozen thema geeft een antwoord aan mbt de bezorgdheden van de sector.

 

Nationale campagnes worden regelmatig georganiseerd met de medewerking van externe partners zoals het SLIC (Europees Comité van de Hoge Vertegenwoordigers van de arbeidsinspectie), de NAVB (omgedoopt tot Constructiv BoP) of andere inspectiediensten zoals de FOD Economie.

Nationale campagnes hebben het nadeel dat ze relatief gezien een te groot deel van de middelen van de inspectie in beslag nemen om telkens een hoog aantal niet-conformiteiten met de reglementering te moeten vaststellen. Daarom legt de inspectie sedert een aantal jaar vooral de nadruk op lokale campagnes om: 

  • Een sector wakker te maken voor de problematiek van de preventie;
  • Een nulmeting te maken om zo de impact van de inspectie te kunnen meten;
  • De sector op hun verantwoordelijkheid te wijzen en uit te nodigen een actieplan voor te stellen die onder andere eenvormige analyse-instrumenten en codes van goede praktijk inhouden. De inspectie is bereid binnen de perken van haar middelen, aan deze initiatieven mee te werken en ze te ondersteunen.

De acties die deze sectoren ondernemen, worden door een nationale campagne afgetoetst. Ieder van de 8 regionale directies wordt gevraagd om minstens één campagne volgens het operationeel plan van de inspectie te organiseren.

 

Voor 2019 zijn dit de geplande inspectiecampagnes:

 

Regionale campagnes

Regionale directie Sector Thema
West-Vlaanderen Metaalverwerking Veiligheid (LOTO: "Lock Out Tag Out")
Oost-Vlaanderen Zorgsector Moederschapsbescherming
Antwerpen Maalderijen Gevaarlijke producten
Limburg & Vlaams-Brabant Fabricage kunststofproducten Gevaarlijke producten
Brussel Bewaking Ergonomie
Henegouwen Groot warenhuizen Ergonomie
Namen-Luxemburg-Waals-Brabant Afvalverwerking Gevaarlijke producten
Luik Rusthuizen Psychosociale risico's

 

Nationale campagnes

Sector Thema Partner
  Topbelading vrachtwegens Afdeling Chemische risico's (SEVESO)
  Rolbruggen  
Bouwsector Vallen van hoogte (2de handhavingsluik) Constructiv BoP
Bouwsector Afbraakwerken  

 

Daarnaast worden er acties gepland in het kader van de synergie tussen de 2 componenten van de arbeidsinspectie ("Toezicht op de sociale Wetten" en "Toezicht op het Welzijn op het werk"). De sectoren staan nog niet helemaal vast. Er wordt gedacht aan fraudegevoelige sectoren zoals de vleessector of nog de bouwsector. Het thema is hier voornamelijk de Europese gedetacheerde werknemers.

De inspecties gebeuren volgens een vast stramien. Bij elk bezoek wordt het beleid van de werkgever inzake welzijn nagegaan. Vervolgens wordt de aanpak in elk domein van de welzijnswet overlopen. En wordt er dieper ingegaan op het thema gekozen voor de sector.

Bij vastgestelde tekortkomingen of inbreuken zal de inspecteur actie ondernemen. Dit kan gaan van een mondeling of schriftelijk advies, tot een waarschuwing en zelfs het stopzetten van de activiteit indien er echt ernstige tekortkomingen worden vastgesteld.

 

Hefboomeffect

Er wordt gerekend op het hefboomeffect dat inspectiecampagnes kunnen bieden. Zo wordt verwacht dat de betrokken sectoren hun verantwoordelijkheid nemen. Een mogelijkheid hierbij is bv. het opmaken van een OiRA-tool. OiRA staat voor "Online interactive Risk Assessment". Het is een gratis softwareprogramma dat werd ontwikkeld door het Europees Agentschap voor de veiligheid en de gezondheid op het werk (EU-OSHA) om bedrijven, en in het bijzonder kmo's, de mogelijkheid te geven om op een eenvoudige en efficiënte manier de risico's inzake welzijn op het werk te analyseren.

In de OiRA-gids wordt stap voor stap het risicoanalyseproces beschreven waarmee de risico's op de werkvloer geïdentificeerd kunnen worden. Daarnaast kan OiRA ook helpen bij het nemen van beslissingen rond preventieve acties en het opstellen van een "op maat gemaakt" actieplan.

De eerste OiRA-tool in België werd in 2013 ontwikkeld voor de kappersbranche. Vervolgens werd in 2014 OiRA Hout gelanceerd en in 2015 OiRA bouw. Na de horeca worden ook OiRA's voorzien voor de schoonmaaksector, de bakkers, de tuinaanleg en de podiumkunsten.

De sociale partners van de sector begeleiden de opmaak van OiRA. Telkens is er ook een arbeidsinspecteur hierbij betrokken.

Een ander tastbaar gevolg van inspectiecampagnes is het afsluiten van een samenwerkingsprotocol tussen een sector (werkgevers en werknemers) en de overheid.

 

Bron

  • Luc Van Hamme, senTRALNieuws – 19 oktober 2018


Lees meer nieuws over: Preventie en bescherming , arbeidsplaats , arbeidsreglementering , arbeidsveiligheid , ergonomie , psychosociale risico's